Veelgestelde vragen
Mag je alles over een leerling vastleggen en wie mag dat dossier later inzien?
Zodra je de voortgang van leerlingen ergens vastlegt, leg je persoonsgegevens vast, en dan komen er vragen bij. Mag je noteren dat iemand faalangstig is? Moet je een leerling laten meelezen als hij dat vraagt? Hieronder staan de vragen die rijscholen hierover stellen, met antwoorden die je meteen kunt toepassen.
Wat mag je over een leerling vastleggen?
Geldt de AVG ook voor een kleine rijschool?
Ja. De Algemene verordening gegevensbescherming is van toepassing sinds 25 mei 2018 en wordt in Nederland aangevuld door de Uitvoeringswet AVG. Er staat geen ondergrens in voor het aantal medewerkers of het aantal leerlingen. Een zelfstandige instructeur met een schrift vol aantekeningen valt er net zo goed onder als een rijschool met tien auto's. Toezichthouder is de Autoriteit Persoonsgegevens.
Wat leg je wel vast en wat niet?
De richtlijn is eenvoudig: leg vast wat je nodig hebt om les te geven, en niets daarbuiten. In de praktijk betekent dat wel een niveau per rijtaak en een concreet aandachtspunt voor de volgende les, en niet een oordeel over het karakter of het gezin van de leerling.
- wel: welke rijtaak is geoefend en op welk niveau die staat;
- wel: de afspraak voor de volgende les, in bruikbare bewoordingen;
- wel: praktische zaken zoals of iemand een bril draagt tijdens het rijden;
- niet: losse indrukken over houding, thuissituatie of uiterlijk;
- niet: opmerkingen die je een leerling niet zou voorlezen.
Die laatste regel is de handigste toets die er is. Alles wat je opschrijft, kan een leerling opvragen. Schrijf dus zo dat je het zonder ongemak kunt laten zien.
Mag ik noteren dat een leerling faalangstig is?
Wees hier voorzichtig. Gezondheidsgegevens vallen onder de bijzondere persoonsgegevens van artikel 9 AVG en die mag je niet zomaar verwerken. Een diagnose of een medische aantekening hoort niet in een lesdossier thuis.
Wat je wel kunt vastleggen, is het gedrag dat je in de auto ziet en wat daarbij helpt. "Wordt onzeker bij drukte, rustiger als we de opdracht vooraf doornemen" is een lesaantekening. "Heeft een angststoornis" is dat niet. Het eerste helpt de volgende instructeur, het tweede is een label dat blijft plakken.
Wie mag het dossier inzien?
De leerling zelf
Betrokkenen hebben recht op inzage, rectificatie, wissing, beperking, dataportabiliteit en bezwaar. Een verzoek moet je binnen een maand beantwoorden, met een verlenging van maximaal twee maanden als het echt complex is. Voor een rijschool is dat zelden zwaar werk, mits je dossier leesbaar is.
Beter nog is het om niet op een verzoek te wachten. Wie zijn leerling standaard een overzicht laat zien van de stand en de aandachtspunten, maakt het inzagerecht praktisch overbodig en verkoopt bovendien zijn eigen werk beter.
De ouders van een minderjarige leerling
Bij een leerling die nog geen achttien is, hebben ouders vaak een rol, zeker als zij betalen. Toch is het dossier van de leerling. Deel met ouders wat nodig is voor de afspraken en de kosten, en houd de persoonlijke lesaantekeningen tussen jou en de leerling, tenzij de leerling het goed vindt dat je meer deelt.
Spreek dat aan het begin van het traject af en leg vast wat je hebt afgesproken. Dat voorkomt het lastige gesprek halverwege, als een ouder belt met de vraag waarom het zoveel lessen duurt.
Collega-instructeurs
Een collega die op dezelfde leerling rijdt, heeft het dossier nodig en hoort er dus bij te kunnen. Een collega die die leerling nooit ziet, heeft dat niet. Geef daarom iedere instructeur een eigen account en geef nooit één gedeeld wachtwoord uit, want dan kun je achteraf niet zien wie wat heeft afgetekend.
Het CBR of een examinator
Het CBR neemt de examens af en beoordeelt zelfstandig. Je lesdossier is geen stuk dat je daar aanlevert en het speelt geen rol in de beoordeling. Het is een intern werkdocument van de rijschool, bedoeld om jouw eigen beslissing over de aanvraag te onderbouwen.
Hoe lang bewaar je de gegevens?
Maak onderscheid tussen twee soorten gegevens. Wat bij je administratie hoort, zoals facturen en de bijbehorende gegevens, valt onder de bewaarplicht van zeven jaar. Voortgangsaantekeningen die je daar niet voor nodig hebt, mag je eerder opruimen.
| Soort gegeven | Waarom je het bewaart | Wat een werkbare keuze is |
|---|---|---|
| Facturen en betaalgegevens | Fiscale bewaarplicht | Zeven jaar bewaren |
| Voortgang per rijtaak | Lesgeven en de examenaanvraag onderbouwen | Verwijderen een afgesproken periode na het laatste examen |
| Losse lesaantekeningen | Alleen nut voor de volgende les | Opruimen zodra het traject is afgerond |
| Contactgegevens voor nieuwsberichten | Alleen met toestemming | Verwijderen zodra iemand zich afmeldt |
Belangrijker dan de exacte termijn is dat je hem opschrijft en aanhoudt. Een bewaarbeleid van drie regels dat je echt uitvoert, is beter dan een uitgebreid beleid dat niemand toepast.
Wat moet je zelf geregeld hebben?
Een verwerkingsregister
Artikel 30 AVG vraagt om een register van verwerkingen. De uitzondering voor organisaties met minder dan 250 medewerkers vervalt zodra de verwerking niet incidenteel is, een risico voor betrokkenen inhoudt of bijzondere persoonsgegevens betreft. Een rijschool die doorlopend leerlingdossiers bijhoudt, valt daardoor in de praktijk vrijwel altijd onder de plicht. Het register hoeft geen dik document te zijn: welke gegevens, waarvoor, hoe lang en wie erbij kan.
Een verwerkersovereenkomst met je leverancier
Gebruik je software van een ander om leerlinggegevens op te slaan, dan is die partij verwerker en heb je een verwerkersovereenkomst nodig, zoals artikel 28 AVG voorschrijft. Vraag daar bij elke leverancier naar en vraag er meteen bij waar de gegevens staan. Bij Rijlesvoortgang staan de gegevens op servers binnen de Europese Unie.
Een afspraak over datalekken
Een datalek moet binnen 72 uur na ontdekking bij de Autoriteit Persoonsgegevens worden gemeld, tenzij het onwaarschijnlijk is dat het lek een risico oplevert voor de betrokkenen. Alle datalekken moet je intern registreren, ook de kleine. Voor een rijschool gaat het vaak om een verloren telefoon of een dossier dat per ongeluk bij de verkeerde ouder terechtkomt.
De boetes die de AVG mogelijk maakt zijn fors, tot 20 miljoen euro of 4 procent van de wereldwijde jaaromzet, afhankelijk van welk bedrag hoger is. Dat is geen realistisch scenario voor een rijschool, maar het geeft aan dat zorgvuldigheid niet vrijblijvend is.
Hoe verhoudt dit zich tot je bevoegdheid als instructeur?
Rijinstructeurs vallen onder de Wet rijonderricht motorrijtuigen en beschikken over een bevoegdheidspas die elke vijf jaar verlengd moet worden. Die wet schrijft geen bepaald voortgangsformulier voor. Een geordend lesdossier is dus geen verplichting die uit de WRM volgt, maar wel het bewijs dat je gestructureerd werkt en dat je beslissingen over examenaanvragen kunt uitleggen.
Dat verschil is belangrijk als je overweegt hoe streng je jezelf oplegt om alles bij te houden. De AVG stelt eisen aan hoe je gegevens behandelt, de WRM aan je bevoegdheid, en je eigen vakmanschap aan de vraag of je op het juiste moment een examen aanvraagt. Meer over die wettelijke kant staat in het artikel over wat de WRM van je vraagt naast een geldige bevoegdheidspas.
Wat merkt de leerling ervan?
De vraag die instructeurs zelden stellen, maar die het meeste oplevert: wat heeft de leerling eraan dat jij dit netjes vastlegt? Drie dingen, en ze zijn alle drie concreet.
- Hij hoort niet elke les een andere inschatting van een andere instructeur.
- Hij ziet waar zijn geld naartoe gaat, want hij ziet wat er al staat en wat nog niet.
- Hij krijgt bij de examenaanvraag een uitleg in plaats van een gevoel.
Die derde is de belangrijkste, ook voor je portemonnee. Wat een te vroege aanvraag uiteindelijk kost aan lesuren en aan vertrouwen, staat uitgerekend in het artikel over wat een herexamen je werkelijk kost. En welke drager het beste bij jouw rijschool past, weeg je af in de vergelijking tussen leskaart, spreadsheet en voortgangssysteem.
Conclusie: zorgvuldig vastleggen is gewoon goed lesgeven
De regels rond voortgangsregistratie zijn minder ingewikkeld dan ze lijken. Leg vast wat je nodig hebt, schrijf zo dat je het kunt laten lezen, geef iedere instructeur een eigen toegang, spreek een bewaartermijn af en zorg dat je leverancier zijn zaken op orde heeft. Wie deze artikelen schrijft en hoe ze worden onderbouwd, lees je bij de auteur achter Rijlesvoortgang.
In het leerlingdossier van Rijlesvoortgang zijn die keuzes ingebouwd: eigen accounts per instructeur, gegevens binnen de Europese Unie, een overzicht dat je zonder aarzelen met je leerling deelt en niets meer vastleggen dan je voor het lesgeven nodig hebt. Wil je nagaan of dat past bij hoe jij nu werkt, vul dan het contactformulier in en dan nemen we het samen door.